top of page

Verkiezingen voorbij. Wat gebeurt er met het beleid?

  • Foto van schrijver: Gjerryt Leuverink
    Gjerryt Leuverink
  • 2 dagen geleden
  • 3 minuten om te lezen
  • Wel of geen azc? 

  • Betaald parkeren invoeren? 

  • Meer woningen bouwen? 

  • Een zwembad sluiten?


Een gemeenteraadsverkiezing verandert niet alleen de samenstelling van de raad en het college. Soms verandert daarmee ook de politieke houdbaarheid van jarenlang beleid. Met de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart 2026 nog vers in het geheugen zijn de formaties in veel gemeenten nog in volle gang. Opvallend bij deze verkiezingen: concrete lokale dossiers wogen zwaar voor kiezers, lokale partijen groeiden verder en de verschillen tussen gemeenten waren groot.



Dat maakt deze periode bestuurlijk interessant. En uitdagend. Want verkiezingen kunnen het draagvlak onder bestaande keuzes versterken, maar ook onder druk zetten. En terwijl partijen formeren, loopt het 'oude' bestuur ondertussen 'gewoon' door.


Vanuit De Selectie adviseren we verschillende wethouders en bestuurders op allerlei dossiers. Wat we nu veel zien, tijdens de formaties, is wat je misschien bestuurlijke overgangskunde kunt noemen: hoe houd je als bestuurder koers op ingewikkelde dossiers terwijl het politieke mandaat (mogelijk) verschuift?


Je ziet daarbij eigenlijk twee typen gemeenten:


  1. Gemeenten met een stabiele bestuurscultuur, waar al langer ongeveer dezelfde partijen besturen. Dat geeft vaak meer continuïteit en voorspelbaarheid, maar brengt ook het risico mee dat beleid vanzelfsprekend wordt.

  2. Gemeenten waar de verhoudingen iedere vier jaar flink veranderen. Daar is vaker ruimte voor correctie of nieuwe accenten, maar ook meer kans op bestuurlijke zigzag.


In meerdere gemeenten speelde één dossier een opvallend grote rol in de laatste verkiezingen. Denk aan vluchtelingenopvang, parkeerbeleid of leefbaarheid. Juist daar zie je nu dan ook een interessante dynamiek ontstaan. Want terwijl de oude coalitie er vaak nog zit, liggen besluiten alweer op tafel voor nieuwe raadsleden en toekomstige wethouders en vormen deze vaak inzet van de formatie en onderhandelingen over een coalitieakkoord. Twee willekeurige voorbeelden:


Amersfoort: beleid onder druk


Het parkeerbeleid leidde in Amersfoort tot veel verzet. Er ontstonden zelfs twee lokale partijen zo'n beetje vanuit protest tegen het beleid. Nieuwkomer KeiHart voor Amersfoort kwam met zes zetels direct groot binnen. GroenLinks-PvdA bleef nipt de grootste partij.


Het laat zien dat beleid inhoudelijk verdedigbaar kan zijn, maar politiek toch kwetsbaar wordt als inwoners het proces niet vertrouwen of zich onvoldoende gehoord voelen. Maar ook dat wat er nu op tafel ligt voor het parkeerbeleid enerzijds nog onder de hoede is van de 'oude' coalitie en anderzijds inzet is van de onderhandelingen over een 'nieuwe' coalitie.


Utrecht: bevestiging van de ingezette koers


In Utrecht gebeurde bijna het tegenovergestelde. GroenLinks-PvdA en D66 bleven de grootste partijen, wonnen licht en hebben samen zelfs een meerderheid in de raad. Juist deze partijen steunen al jaren beleid gericht op minder auto’s op straat en meer ruimte voor voetgangers en fietsers.


Daar lijkt de kiezer de bestaande koers eerder te hebben bevestigd dan afgewezen. Dit maakt dat het bij de coalitieonderhandelingen niet of nauwelijks in de weg zal zitten, maar ook dat het autoluwe beleid als vanzelfsprekend gecontinueerd kan worden. Dat is een interessant contrast met Amersfoort. Het onderwerp lijkt op elkaar, maar de politieke dynamiek is totaal anders, ook voor de nu nog zittende bestuurders.


Ondertussen loopt het bestuur gewoon door


Juist de periode tussen verkiezingsuitslag en nieuwe coalitie is bestuurlijk dus spannend. En er zijn veel meer gemeenten waar een specifiek dossier nu op deze manier een rol speelt. De oude coalitie bestuurt vaak nog door (met meer of minder aandacht voor de recente verkiezingsuitslag), terwijl de politieke werkelijkheid al veranderd is. Nieuwe meerderheden dienen zich aan, dossiers worden opnieuw gewogen en ambtenaren voelen dat politieke accenten verschuiven.


In sommige gemeenten leidt dat tot voorzichtigheid of zelfs vertraging, vaak ook al in aanloop naar de verkiezingen. In andere juist tot versnelling, al dan niet om 'nog snel' iets geregeld te krijgen voor de nieuwe coalitie het stokje overneemt. Terwijl de formatie nog loopt, moeten besluiten rond bijvoorbeeld vluchtelingenopvang in veel gemeenten gewoon doorgaan. Dat vraagt bestuurlijk gevoel: welke ruimte heb je nog om besluiten te nemen als het politieke speelveld zichtbaar verandert?


En dat is uiteindelijk misschien wel de kern. Lokale verkiezingen zijn geen pauzeknop voor grote dossiers. Maar ze veranderen vaak wel het speelveld waarop die dossiers verder moeten. Goed bestuur betekent dan wat ons betreft niet automatisch doorduwen, maar ook niet alles opnieuw openbreken. Juist in die overgangsfase, tussen oude en nieuwe verhoudingen, wordt duidelijk hoe stevig beleid, draagvlak en bestuur eigenlijk zijn.


Lastige bestuurlijke keuzes: hoe verder?

Bestuurders staan deze maanden voor lastige keuzes. Welke dossiers vragen om continuïteit? Waar is bijsturing nodig? En hoe organiseer je dat zorgvuldig, met nieuwe politieke verhoudingen en soms nieuwe bestuurders? Hoe doe je de bestuurlijke overgangskunde vanuit je leiderschap herkenbaar en goed?


Dat vraagt niet alleen inhoudelijke keuzes, maar ook bestuurlijke sensitiviteit en gevoel voor timing, rollen en draagvlak. Wij begeleiden bestuurders en organisaties daar regelmatig bij. Vooral op dossiers waar politiek, uitvoering en maatschappelijke gevoeligheid samenkomen. Meer weten: neem dan even contact met ons op.

bottom of page